Patroonheilige, embleem en functies
Sint Antonius Abt
Ons gilde is vernoemd naar Sint Antonius Abt, ook wel Antonius de Grote of Antonius de Kluizenaar. Hij werd rond het jaar 251 in Egypte geboren als zoon van welgestelde ouders. Na hun dood gaf hij zijn bezittingen weg aan de armen en trok hij zich terug in de woestijn, waar hij tientallen jaren als kluizenaar leefde. Daar weerstond hij volgens de overlevering de beroemde 'verzoekingen' van de duivel: een verhaal dat eeuwen later onder meer door de Bossche schilder Jheronimus Bosch werd verbeeld.
Steeds meer volgelingen vestigden zich bij hem in de woestijn. Daarom geldt Antonius als de vader van het kloosterleven, en draagt hij de titel 'abt'. Hij werd ruim honderd jaar oud en stierf in 356. Zijn naamdag is 17 januari; daarom vieren wij in januari onze patroonsdag.
Antonius is de beschermheilige van boeren en hun vee, en van oudsher een geliefde heilige in Brabant. Op afbeeldingen herken je hem aan drie vaste kenmerken, die ook op ons embleem staan.
- Het varken
- In de middeleeuwen verzorgden de Antonieten, een kloosterorde vernoemd naar Antonius, zieken in hun gasthuizen. Zij mochten hun varkens vrij door de straten laten lopen; de mensen gaven ze te eten. Het vlees en het vet kwamen ten goede aan de zieken en de armen. Zo werd het varken het vaste dier van Antonius. In veel Brabantse dorpen liep vroeger een 'Antoniusvarken' rond, en Antonius werd de beschermer van boeren en hun dieren.
- Het tau-kruis
- De staf van Antonius heeft de vorm van de letter T, de Griekse letter tau. Het lijkt op de kruk of wandelstok van een oude kluizenaar. De Antonieten droegen dit 'Antoniuskruis' als teken op hun kleding, en zo werd het een herkenningsteken van de heilige zelf.
- De bel
- Met een belletje kondigden de Antonieten zich aan als ze langs de huizen gingen om giften in te zamelen voor hun zieken. Ook hun varkens droegen een belletje, zodat iedereen wist dat het om de dieren van Antonius ging. Volgens de overlevering verjaagde het geluid van de bel bovendien het kwaad, zoals Antonius zelf de verzoekingen in de woestijn weerstond.
Wat zie je op het embleem?
- Sint Antonius
- In het midden staat onze patroonheilige, met aureool, lange baard en kap.
- Tau-kruis en bel
- Rechts zijn T-vormige staf met het belletje, twee vaste kenmerken van Sint Antonius (zie hierboven).
- Het varken
- Links onderaan het varken van Antonius, de beschermer van boeren en hun dieren.
- De Oude Toren
- Links staat de Oude Toren van Stiphout, het bekende monument van ons dorp. Zo verbindt het embleem het gilde met Stiphout.
- Het wapen van Stiphout
- Antonius houdt het wapen van Stiphout vast: een gevierendeeld schild met vier klimmende leeuwen.
Functies binnen het gilde
- Koning
- De beste schutter bij het koningschieten. Hij draagt het koningsvest met de zilveren koningsvogel uit 1610, het kostbaarste bezit van het gilde.
- Hoofdman
- Leidt het gilde bij optochten en gildefeesten en zorgt dat alles volgens de tradities verloopt.
- Bestuur
- Voorzitter, secretaris en penningmeester zorgen voor de dagelijkse gang van zaken van de vereniging.
- Schutters
- Beoefenen het schieten met geweer, kruisboog en luchtbuks, op de wip en in wedstrijden.
- Vendeliers
- Zwaaien met het vendel, onder meer bij de vendelgroet en op gildefeesten.
- Tamboers
- Geven met de gildetrom het ritme aan in de optocht en begeleiden de vendeliers.
- Standaardrijder
- Draagt te paard de standaard van het gilde voorop in de optocht.
- Gildebroeders en -zusters
- Alle leden samen: in gildekostuum aanwezig bij activiteiten, en de kern van de broederschap.